jaargang 09 | nummer 01 | februari 2020

In de verkiezingscampagne van Bill Clinton in 1992, waarbij hij de strijd aanging met de zittende president George H. Bush, werd de slogan “It’s the economy, stupid!” (het gaat om de economie, sukkel!) een bepalende one-liner. Bush legde in zijn campagne de nadruk op wat hij in de voorafgaande periode van vier jaar allemaal al had bereikt en hoe hij dit beleid zou voortzetten. Dit was echter niet wat de Amerikaanse kiezers wilden horen. Zij wilden het materieel beter krijgen, meer werkgelegenheid, hogere salarissen en meer welvaart. Clinton begreep dat, richtte zijn campagne daarop en won.

Amerikaanse verkiezingen

In 2020 gaan de Amerikanen weer naar de stembus en ook dit jaar zal de uitslag weer voor een belangrijk deel afhangen van de gang van zaken in de Amerikaanse economie. Er zal Donald Trump dan ook veel aan gelegen liggen om het momentum in de economie in aanloop naar de verkiezingen optimaal te hebben.

Hij kan dat beïnvloeden door op het juiste moment een grote allesomvattende handelsovereenkomst te sluiten met de Chinezen en zich als overwinnaar en hoeder van de natie op het schild te hijsen. De kans daarop lijkt klein, omdat het wantrouwen tussen de VS en China groot is. China heeft in deze kwestie beslist de langste adem en heeft er mogelijk ook belang bij om pas ná de Amerikaanse verkiezingen een deal te sluiten en dan met een andere president?!

Ook het optreden van Trump in het Midden-Oosten kan worden gezien in het kader van de aankomende verkiezingen. De eliminatie van de Iraanse generaal Soleimani mag dan wel door veel Amerikaanse (veelal democratische) politici als roekeloos worden bestempeld, een deel van de bevolking is wel gecharmeerd van een president die niet met zich laat sollen en een Amerika dat zijn tanden laat zien. Het is overigens al zo’n 17 jaar geleden (19 maart 2003) dat Amerika binnenviel in Irak en het bewind van Saddam Hoessein ten val bracht. En ongeveer net zo lang proberen de Amerikanen zich tevergeefs uit Irak terug te trekken (verkiezingsbelofte Trump). Het machtsvacuüm en de instabiliteit na Saddam Hoessein hebben de opkomst van IS in de hand gewerkt en vooral Iran heeft van de hele situatie gebruik gemaakt om zijn invloed via allerlei groeperingen in de regio uit te breiden. Hun agressieve politiek, waarin Soleimani een prominente rol speelde, heeft Iran internationaal geen goed gedaan. En het werd voor Iran juist zo mooi in 2015 na de deal met de VS en Europa, waarbij in ruil voor opschorting van het nucleaire wapenprogramma vrijwel alle sancies werden opgeheven en de Iraanse economie sterk kon opleven. Columnist Thomas Friedman schreef daarom in een Amerikaanse krant over Soleimani als de absoluut domste man en meest overschatte strateeg in Iran.

Wereldeconomie

Alles goed en wel, de voortslepende handelsoorlog en de escalatie in het Midden-Oosten geeft onzekerheid en dat is niet goed voor de wereldeconomie. En het perspectief voor die wereldeconomie in 2020 was al niet geweldig, met een afkoeling van de economieën van de VS en China en een zwakke groei in Europa. Met de spanning rond Iran dook er in de eerste dagen van het nieuwe jaar meteen een nieuwe bron van zorg op, want toenemende onrust in het Midden-Oosten heeft namenlijk direct gevolgen voor de prijsontwikkeling van ruwe olie.

Olie

De olieprijs is een belangrijke factor voor de winstgevendheid van veel ondernemingen. Staalindustrieën en luchtvaartmaatschappijen slurpen energie en zijn dus in de bedrijfsvoering erg gevoelig voor fluctuaties in olieprijzen.

Om reden van geopolitiek en milieu is er al een groot aantal jaren een ontwikkeling om de afhankelijkheid van olie te verminderen. Tal van duurzame(re) vormen van energie komen steeds sneller van de grond. Ondanks deze trend zal de wereld nog lang afhankelijk blijven van olie als energiebron. En afhankelijk van de prijs die men er voor wil betalen, is er nog wel voor enkele eeuwen voorraad. Gelet op de klimaatdiscussie, zal het zó lang niet duren voordat we op aarde zijn overgeschakeld op volledig duurzame energie. Om op termijn niet “out of business” te raken is het voor traditionele oliemaatschappijen dus zaak een omslag te maken.
De N.V. Koninklijke Nederlandsche Petroleum Maatschappij (kortweg Shell of Royal Dutch) staat al langere tijd onder grote druk van een groep aandeelhouders die willen dat het bedrijf duurzamer wordt. Shell investeert daardoor vanaf 2020 ieder jaar 4 miljard dollar in de ontwikkeling van hernieuwbare energie. Shell ziet waterstof als de ideale technologie. Het weduwen- en wezenfonds Koninklijke olie is overigens sinds de oprichting in financieel opzicht een enorme successtory. Een oprichtingsbewijs van nominaal 1000 gulden uit 1890 zou nu miljoenen euro’s waard zijn, nog afgezien van het dividend, dat al 130 jaar is uitbetaald!
Ook het traditionele businessmodel van DE MAATSCHAPPIJ is dus niet oneindig.